Klassiekers 2023

Kasseienvreters

Kasseienvreters

De kleine kwaliteitsverschillen tussen de renners blijven op een strakke asfaltweg verborgen voor het grote publiek. Schuilend in het wiel van je voorganger lijkt iedereen precies even goed als de voorste renner. Totdat plots de banden geen vloeiend contact meer hebben met de ondergrond. Fietsen wordt stuiteren. Behalve voor de kasseivreters dan, zij die elke klap omhoog weten om te zetten in een voorwaartse beweging. Techniek ontmoet sterkte. Wie van de kasseienvreters neem jij dit jaar mee voor de helse ritten?


10 februari 2023 in Wielrennen

Er is maar één wedstrijd in het jaar waar de kasseien zo dominant aanwezig zijn als tijdens Parijs-Roubaix. Om een echte kasseispecialist aan te wijzen kan daarom makkelijk worden gekeken naar de titelverdediger: Dylan van Baarle. De Nederlander was niet alleen sterk in Noord-Frankrijk. Ook in de Ronde van Vlaanderen (2e) en Dwars door Vlaanderen (1e in 2021) liet hij zien weinig moeite te hebben met de kasseien. Het ontbreekt de aanwinst van Jumbo-Visma wel aan een krachtige versnelling, wat zijn kansen om opnieuw een Vlaamse Klassiekers te winnen verkleint. Maar wie heeft een versnelling nodig als niemand meer je tempo kan volgen? De grote vraag dit jaar luidt: rijdt hij dat tempo voor zichzelf, of in dienst van?

Met Wout van Aert heeft Jumbo-Visma namelijk nog een troef in handen. En niet zomaar een troef. De Belg is de aas, de joker en alle andere kaarten daartussen. Met weer een fantastische Tour liet hij zien op alle aspecten van het wielrennen tot de wereldtop te behoren. In de laatste drie jaar reed hij tien verschillende voorjaarsklassiekers: zes daarvan heeft hij nu gewonnen, in de overige vier was zijn slechtste prestatie de 3e plek in Luik-Bastenaken-Luik. In de kasseienklassiekers blijft hij telkens als laatste over omdat hij – verkregen door het veldrijden – over een geweldige techniek beheerst. Combineer dit met zijn inhoud en er zijn weinig renners die hem bij kunnen houden. Toch moet het ergens knagen dat hij nog geen Ronde van Vlaanderen of Parijs-Roubaix heeft gewonnen. Is zijn voorjaarsprogramma wellicht net iets te veel van het goede?

De naam Van Aert viel en dan weet je het inmiddels wel: die andere is nooit ver weg. Mathieu van der Poel is als het op de kasseiklassiekers aankomt wellicht net iets interessanter dan zijn eeuwige rivaal Van Aert. De versnelling van de Nederlander is venijniger, de techniek net iets beter. In drie jaar tijd was er slechts één renner sterker tijdens Vlaanderens Mooiste. Ook zijn overwinningen in de Amstel Gold Race en de Strade Bianche staan nog in het collectieve wielergeheugen gegrift. Zijn volgende overwinning wordt minstens even memorabel. En om maximaal van dat moment te genieten, moet Van der Poel natuurlijk wel een plekje in je team krijgen.

Bij een kasseispecialist komt al snel het beeld van een grote sterke renner met een goede tijdrit naar boven. Zie daar: Stefan Küng en Kasper Asgreen. Beide renners torenen net boven de 1 meter 90 uit, noteerden op het WK tijdrijden goede resultaten en hun nationale vlag bestaat uit een rood vlak met een wit kruis. Tot zover de overeenkomsten. Want waar de Zwitser Küng in 2022 het gehele voorjaar met de allersterksten mee kon, moest de Deen Asgreen vaker en sneller lossen dan verwacht. De oorzaak bleek bronchitis. Het voorjaar wat je van Asgreen verwacht – vrijwel elke koers top 10 – was precies het voorjaar wat Küng reed. Wie heeft er in 2023 de beste papieren om een ‘Asgreen-voorjaar’ te rijden?

Naast Asgreen is de tweede man van Soudal – Quickstep in het voorjaar Yves Lampeart. De Belg fietste in 2020 en 2021 een mooie lading punten binnen. Hij won Dwars door Vlaanderen, was een essentiële schakel bij de overwinningen van zijn ploegmaats en belandde zelf ook vaak in de top 20. Het afgelopen jaar was echter niet succesvol. De West-Vlaming wilde zich revancheren tijdens Parijs – Roubaix en was daar goed op weg, maar door loslopend jongvee in de vorm van een toeschouwer werd een topnotering verprutst. Denk je dat vorig jaar een incident was? Dan is hij dit jaar voor een zeer schappelijke prijs op te halen.

Op de korte steile met kassei versierde klimmetjes blijven altijd dezelfde namen over. Zo ook die van Tiesj Benoot en Jasper Stuyven. Beide flandriens excelleren in het voorjaar en waar Benoot wat makkelijker de hoogteverschillen verwerkt is het Stuyven die over een beter eindschot beschikt. Daarnaast heeft Benoot ook nog Wout van Aert in zijn team die in veel klassiekers tot de eindfavoriet behoort. Datzelfde geldt voor teamgenoot Christophe Laporte, die na zijn aankomst bij Jumbo – Visma een goede ontwikkeling heeft doorgemaakt. Tijdens Gent-Wevelgem kon hij zijn eerste klassieker winnen, maar liet hij – en met hem de hele wereld – zich verrassen door Biniam Girmay. Wegens zijn sterke sprint is Laporte wel een goede man om vooruit te sturen in de kopgroep en daar kan jij als wielermanager dan weer van profiteren.

Hoog op het lijstje van tweevoudig wereldkampioen Julian Alaphilippe staat de Ronde van Vlaanderen. In 2020 debuteerde hij in die koers en trok hij ten aanval met Mathieu van der Poel en Wout van Aert. De combinatie van een altijd om zich heen kijkende Alaphilippe en een langzaam rijdende motor bleek ongelukkig. Weg podium, weg mogelijke overwinning. Hij is vastberaden om in 2023 weer met de beste mee te zitten. En hoewel hij niet het typische postuur heeft van een kasseispecialist fietst hij toch razendsnel over de niet gladde wegen.

Een renner die dat postuur wel heeft is Alexander Kristoff. De sterke Noor van Uno-X had vorig jaar na Wout van Aert de meeste Scorito-punten. Een groot gedeelte van dit machtige puntenaantal behaalde hij in de sprints, maar met zeven top 5 noteringen in de Ronde van Vlaanderen laat hij zien dat hij ook makkelijk over de kasseien vliegt. Je slaat met Kristoff dus twee vliegen in één klap, maar de transfer naar het kleine Uno-X en zijn relatief hoge leeftijd kunnen ervoor zorgen dat wij het beste van de Noor al hebben gezien.

Voor het eerst sinds twee jaar reed Matej Mohoric weer een deftig voorjaar in 2022. En hoe. Dat hij een veelzijdige coureur is, liet hij al zien in het rondewerk en in de Waalse klassiekers. Maar dat hij ook met zó weinig moeite over de kasseien hobbelt moest toch voor vele een verrassing zijn geweest. Daarnaast beschikt de Sloveen over een ultiem wapen: zijn afdaling. Het verschil tussen het winnen van Milaan-San Remo en een valpartij was vorig jaar slechts een paar millimeter. Op Scorito betekent dat een verschil van 100 punten of 0 punten. Heb jij net zoveel lef als Mohoric?


Deel dit artikel
Gamecenter